extremiteiten vermijden
Als er te veel water in het meer komt, zijn overstromingen het gevolg.
Als het meer te weinig water krijgt, zal de
omgeving verdorren.
Tj’iè wijst ons erop dat we ons pas optimaal kunnen ontplooien als extremiteiten worden vermeden.
Dit houdt in dat we het midden tussen te veel en te weinig zullen moeten proberen te vinden.
Overdaad schaadt, maar
voor het tegendeel, een te grote bescheidenheid, zuinigheid of beperkingen die we onszelf opleggen, geldt dit ook.
Het Chinese woord voor beperking bevat een verwijzing naar de geledingen van de bamboestengel.
Dankzij deze
symmetrische afgebakende begrenzingen is bamboe zowel sterk als buigzaam tegelijk.
Je grenzen kennen, grenzen goed afbakenen, waarvan te veel is afzwakken, het te weinig stimuleren, extremiteiten vermijden, geen grote risico’s nemen, niet te hoog grijpen maar ook niet onder je kunnen blijven, stoppen voor het keerpunt wordt bereikt.
Grenzen in acht nemen. Succes.
Leg jezelf nooit te veel beperkingen op.
Boven het meer bevindt zich het water. Grenzen in acht nemen.
Door maat en getal in acht te nemen voorkomt de wijze mens moeilijkheden en weet hij in alle gevallen wat hem te doen
staat.
Tj’iè waarschuwt je voor extremiteiten. Mensen hebben vaak de neiging van het ene uiterste in het andere te vallen en juist dat is de bron van hun ellende. Een periode van overdaad wordt gevolgd door overdreven zuinigheid. Wie zichzelf te dik vindt, eet alleen nog brood en drinkt alleen nog water. Wie eens bedrogen is, vertrouwt plotseling niemand meer. Neem bij alles wat je doet de juiste proporties in acht en probeer het midden te vinden tussen hollen en stilstaan, tussen ja en nee, tussen minder of meer. Als je de juiste maat kunt houden, zal misschien het sensationele of spectaculaire uit je leven verdwijnen, maar daarvoor zullen stabiliteit, duurzaamheid en innerlijke rust in de plaats komen; kwaliteiten die op den duur toch het meest profijtelijk en bevredigend zullen blijken te zijn.