Jeugdige onbezonnenheid
Het water dat van de berg naar beneden loopt en daar verdampt,
keert als wolken en mist naar de berg terug.
Het beeld van nevel
en wolken die het zicht op de berg ontnemen, dient zich aan.
Op de berghellingen zoeken kleine rivieren op goed geluk hun weg
naar beneden.
Zij symboliseren de wanorde, het gebrek aan helderheid
en afstandelijkheid of de afwezigheid van een hoger perspectief.
Vaste rivierbeddingen zijn hier niet aanwezig.
Alles verloopt
spontaan en op de tast.
Meng doet ons denken aan een jeugdig
persoon met weinig levenservaring of algemene ontwikkeling.
Het zal duidelijk zijn dat iemand die nog geen greep heeft op
zijn leven grote kans loopt omlaag getrokken te worden.
Onrijpheid, onwetendheid, jeugdige overmoed, onbezonnenheid, een vertroebelde blik, richtingloosheid, verspilling van energie, met alle winden meewaaien.
Jeugdige onbezonnenheid staat succes niet in de weg. Ik ben niet op zoek naar jeugdige dwazen. Jeugdige dwazen zoeken mij. Ik geef altijd direct antwoord. Wie daarna nog doorvraagt, valt mij lastig. Wie mij lastigvalt, zal geen antwoord krijgen.
Onder aan de berg ontspringt een rivier. Jeugdige onschuld. Door van zijn jeugdige onwetendheid te leren wordt een mens wijs en komt hij tot zelfkennis.
Het begin van inzicht, wijsheid of zelfkennis is het besef dat je dingen verkeerd aanpakt, dat je weinig weet of echt begrijpt. Deze fase in je ontwikkeling mag je beslist niet overslaan. Als je nooit in het duister hebt getast, nooit iets doms of ondoordachts hebt gedaan, zul je later geen zin van onzin kunnen onderscheiden, geen wijsheid van domheid.
Je wordt aangespoord om te experimenteren en het leven onbevangen en onbevooroordeeld tegemoet te treden. De I Tjing dringt je geen wijze inzichten op; die zul je zelf op de tast moeten vinden. Als je jezelf goed observeert, zie je vanzelf in wat dom en verstandig is en zul je niet voortdurend aan dezelfde steen stoten.