Duurzame voedselketens in verbinding

Stichting Verandering door Verbinding

Voor een eerlijke, gezonde en transparante relatie tussen mens, natuur en voedsel in een tijd van grote verandering.

Algemeen Nut Beogende Instelling

De Tao van Meditatie

Terug naar het overzicht

In de oude wereld geloofden mensen dat meditatie betekende dat men nergens meer aan mocht denken.

Dus probeerden zij hun geest te forceren:

stil te zijn, leeg te worden en controle te krijgen over iedere gedachte.

Maar hoe harder zij vochten tegen hun geest, hoe onrustiger zij werden.

Toen vroeg een leerling aan de meester:

“Waarom is mijn hoofd zo luid wanneer ik probeer stil te worden?”

De meester nam hem mee naar een vijver in het bos.

De wind bewoog over het water waardoor het oppervlak voortdurend trilde.

“Kun je de vijver dwingen stil te worden?” vroeg de meester.

De leerling schudde zijn hoofd.

“Nee.

Wanneer de wind stopt, wordt het water vanzelf rustiger.”

De meester glimlachte zacht.

“Zo werkt meditatie ook.”

Daarna gingen zij onder een oude boom zitten.

De leerling sloot zijn ogen en merkte:

gedachten, herinneringen, zorgen, verlangens en emoties die voortdurend voorbijtrokken.

“Meester… ik faal hierin,” zei hij gefrustreerd.

De meester keek naar de wolken die langzaam door de lucht bewogen.

“De hemel probeert de wolken niet tegen te houden.”

De leerling werd stil.

“Maar wat is meditatie dan werkelijk?”

De meester wees naar de open lucht achter de bewegende wolken.

“Meditatie is niet het vernietigen van gedachten.”

Hij keek rustig naar het bos.

“Het is herinneren dat bewustzijn groter is dan de gedachten die erin verschijnen.”

De wind streek zacht door de bladeren.

“Dus ik hoef mijn gedachten niet te stoppen?” vroeg de leerling.

De meester glimlachte.

“Een wijze mens leert observeren zonder direct meegezogen te worden.”

Hij wees naar de vijver die langzaam helderder werd nu de wind ging liggen.

“Wanneer de geest niet voortdurend gevoed wordt door onrust, prikkels en reactie…” De meester sloot even zijn ogen.

“…ontstaat stilte vanzelf.”

De leerling luisterde naar:

de vogels, de wind, zijn ademhaling en de ruimte tussen zijn gedachten.

Voor het eerst voelde stilte niet als leegte…

maar als aanwezigheid.

Toen sprak de meester zacht:

“De onrustige mens zoekt voortdurend afleiding.

De bewuste mens durft stil genoeg te worden om zichzelf werkelijk te ontmoeten.”

De zon brak door tussen de bomen.

En de leerling begreep eindelijk:

dat meditatie geen ontsnapping is aan het leven… maar een terugkeer naar het bewustzijn dat altijd al aanwezig was.