Duurzame voedselketens in verbinding

Stichting Verandering door Verbinding

Voor een eerlijke, gezonde en transparante relatie tussen mens, natuur en voedsel in een tijd van grote verandering.

Algemeen Nut Beogende Instelling

De Tao van Groepsgedrag

Terug naar het overzicht

In de oude wereld vroeg een leerling aan de meester:

"Meester, waarom geloven zoveel mensen dingen die niet waar zijn?" De meester keek hem aan.

"Geloven zij die dingen werkelijk?" De leerling dacht even na.

"Misschien niet." "Waarom herhalen zij ze dan?" De meester glimlachte.

"Kom mee." Ze liepen naar een grote kudde schapen.

De dieren graasden rustig in een weiland.

Plotseling rende één schaap een bepaalde richting op.

Binnen enkele ogenblikken volgde de rest.

Niemand leek te weten waarom.

Niemand leek zich af te vragen waarheen.

"Wat gebeurde er?" vroeg de meester.

"Ze volgden elkaar." "Waarom?" "Ik weet het niet." De meester knikte.

"Dat weten zij zelf vaak ook niet." Ze liepen verder.

Onderweg kwamen zij in een dorp.

Op het plein stond een man met dure kleding.

Mensen luisterden aandachtig naar hem.

Hij sprak zelfverzekerd.

Met grote woorden.

Met veel overtuiging.

Iedereen knikte.

De leerling luisterde mee.

Na enige tijd merkte hij iets op.

De man gaf nauwelijks feiten.

Hij herhaalde vooral aannames.

Geruchten.

Verhalen die hij van anderen had gehoord.

Toch geloofden de mensen hem.

"Waarom geloven zij hem?" vroeg de leerling.

De meester glimlachte.

"Vanwege zijn woorden?" "Nee." "Vanwege zijn kennis?" "Ook niet." "Waarom dan?" De meester keek naar de gouden ring aan de hand van de man.

"Vanwege zijn aanzien." Ze liepen verder.

Bij een herberg hoorde de leerling mensen praten.

Iemand begon een roddel.

Een tweede vulde haar aan.

Een derde wist zeker dat het waar was.

Een vierde vertelde het verder.

Binnen een uur werd een vermoeden een feit.

Binnen een dag werd een verhaal een waarheid.

Binnen een week wist niemand meer waar het begonnen was.

De leerling keek verbaasd.

"Maar niemand heeft gecontroleerd of het klopt." De meester lachte zacht.

"Dat gebeurt vaker dan je denkt." Ze gingen zitten onder een oude boom.

De meester tekende een cirkel in het zand.

"Wat is dit?" "Een groep." De meester knikte.

"Waarom zijn groepen zo krachtig?" De leerling dacht na.

"Omdat mensen erbij willen horen." "Precies." De wind streek door de bladeren.

"De mens is een sociaal wezen." "Dat is goed." "Maar het heeft ook een schaduw." "Welke schaduw?" vroeg de leerling.

De meester keek naar de cirkel.

"De angst om buitengesloten te worden." De leerling luisterde aandachtig.

De meester vervolgde:

"Wanneer een groep zegt dat iets waar is, kost het moed om te zeggen dat het niet waar is." "Wanneer een groep iemand veroordeelt, kost het moed om vragen te stellen." "Wanneer een leider spreekt, kost het moed om kritisch te blijven." Ze liepen verder.

Onderweg kwamen zij een jonge man tegen.

Hij was het niet eens met de groep waarin hij leefde.

Maar hij zweeg.

"Waarom zeg je niets?" vroeg de meester.

De man keek naar de grond.

"Dan verlies ik mijn vrienden." De meester knikte.

Toen zij verder liepen zei hij:

"Zie je?" "Wat?" "Veel mensen liegen niet omdat zij slecht zijn." De wind speelde met het gras.

"Zij liegen omdat zij bang zijn." De zon begon langzaam onder te gaan.

Toen sprak de meester:

"De grootste kracht van een groep is verbondenheid." Hij keek naar de horizon.

"De grootste zwakte van een groep is conformiteit." Plotseling begreep de leerling iets.

Groepsgedrag was niet alleen zichtbaar in dorpen.

Niet alleen in politiek.

Niet alleen in religie.

Niet alleen op sociale media.

Het leefde overal waar mensen hun eigen waarneming opgaven voor de veiligheid van de groep.

De eerste sterren verschenen.

De meester stond op.

"Onthoud dit." "Een leider kan zich vergissen." "Een meerderheid kan zich vergissen." "Een expert kan zich vergissen." Hij keek de leerling recht aan.

"En soms kan zelfs een hele groep zich vergissen." "Wat moet ik dan volgen?" vroeg de leerling.

De meester glimlachte.

"Blijf luisteren." "Blijf onderzoeken." "Blijf waarnemen." Hij wees naar zijn borst.

"En verraad nooit je geweten om erbij te horen." De leerling keek naar de hemel.

En hij begreep:

dat ware moed niet bestaat uit het volgen van de groep.

Maar uit het behouden van je eigen onderscheidingsvermogen terwijl je deel uitmaakt van de groep.

De mens verlangt naar verbondenheid.

Daarom volgt hij soms de groep.

Maar wanneer verbondenheid belangrijker wordt dan waarheid, ontstaat blindheid.

Daarom onderzoekt de wijze niet alleen wat de groep gelooft, maar ook waarom zij het gelooft.

Want een leugen die duizend keer wordt herhaald, blijft een leugen.

En een waarheid die door niemand wordt geloofd, blijft een waarheid.

Daarom bewaakt de wijze zijn vermogen om zelf te zien.