Duurzame voedselketens in verbinding

Stichting Verandering door Verbinding

Voor een eerlijke, gezonde en transparante relatie tussen mens, natuur en voedsel in een tijd van grote verandering.

Algemeen Nut Beogende Instelling

De Tao van de Allerhoogste

Terug naar het overzicht

In de oude wereld geloofden mensen dat de Allerhoogste ver weg was.

Dus zochten zij:

in tempels, in boeken, in rituelen, op bergen en in verre landen naar datgene wat zij God noemden.

Maar hoe verder zij zochten, hoe minder zij soms voelden.

Toen vroeg een leerling aan de meester:

“Waar kan ik de Allerhoogste vinden?”

De meester nam hem mee naar een stil meer bij zonsopgang.

De lucht weerspiegelde in het water.

De vogels zongen tussen de bomen.

De wind bewoog zacht over het oppervlak.

“Zie je Hem?” vroeg de meester.

De leerling keek om zich heen maar wist geen antwoord.

De meester glimlachte zacht.

“De mens kijkt vaak zo hard naar iets buiten zichzelf…” Hij wees naar het stille water.

“…dat hij vergeet aanwezig te zijn in wat al voor hem ligt.”

De leerling werd stil.

Daarna liepen zij door een grote stad.

De leerling zag:

mensen die baden uit angst, anderen die geloof gebruikten voor macht, en weer anderen die het bestaan van iets hogers volledig ontkenden.

Iedereen sprak over God vanuit zijn eigen beeld.

Bijna niemand leek werkelijk stil genoeg om te luisteren.

“Waarom begrijpen mensen de Allerhoogste zo verschillend?” vroeg hij.

De meester keek naar de zon die zonder onderscheid licht gaf aan iedereen.

“Omdat ieder mens kijkt door de helderheid of vertroebeling van zijn eigen bewustzijn.”

De wind streek zacht door de straat.

“Maar meester… wat is de Allerhoogste werkelijk?”

De meester bleef lange tijd stil.

Daarna wees hij naar:

de sterren boven hen, het leven in de bomen, de adem van de leerling, en de liefde die mensen soms onverwacht voelden.

“De Allerhoogste is niet beperkt tot een vorm, naam of plaats.”

Hij keek rustig naar de hemel.

“Zoals de oceaan aanwezig is in iedere golf…” De leerling luisterde aandachtig.

“…zo leeft het goddelijke door alles heen wat bestaat.”

De stad werd langzaam stil in de avondschemering.

Toen sprak de meester:

“De onbewuste mens zoekt God alsof Hij ergens verborgen is.”

Hij glimlachte zacht.

“Maar de bewuste mens ontdekt langzaam dat de Allerhoogste nooit werkelijk afwezig was.”

De wind bewoog zacht door de nacht.

En voor het eerst voelde de leerling:

dat spiritualiteit niet begon bij overtuigingen alleen… maar bij een diep besef van verbondenheid met alles wat leeft.